
Astroloog, psycholoog en wichelroedeloper Johannes George Mieremet (links) doet op verzoek van burgemeester Van Fenema van Zandvoort onderzoek naar een mogelijk verband tussen aardstralen en ernstige ziekten, Zandvoort, 27 oktober 1948
Foto Ben van Meerendonk / AHF, collectie IISG, Amsterdam
Na de Tweede Wereldoorlog wordt de heer Van Fenema in 1948 burgemeester van Zandvoort. Weldra bemerkt hij dat hij achter zijn bureau in het raadhuis snel moe wordt en hoofdpijn krijgt. Ook andere personen in het raadhuis klagen over vermoeidheid en hoofdpijn. De burgemeester geeft na overleg met de wethouders opdracht aan de bekende wichelroedeloper en astroloog Johannes George Mieremet, het raadhuis te onderzoeken. Mieremet (1885-1967) brengt aan het licht dat de klagers precies op kruisingen van aardstralen zitten en adviseert plaatsing van ‘ontstralingskastjes’, een apparaat waarop hij patent heeft en dat hij verkoopt onder de naam ‘Poverni’. De kastjes worden geplaatst en de klachten verdwijnen. Het succes van Mieremet is voor de burgemeester aanleiding tot een voorstel in het college voor verder onderzoek. Hij wil ziekenhuizen en scholen in zijn gemeente op aardstralen laten onderzoeken.

Niet alleen in Zandvoort verweert men zich tegen de verderfelijke invloed van aardstralen. Ook in andere plaatsen heerst het aardstralengevoel en in allerlei gebouwen verschijnt ontstralingsapparatuur. Zo doet ook het bestuur van het Amsterdamse concertgebouw een beroep op Mieremet omdat enkele personeelsleden zich niet fit voelen. De wichelroedeloper ‘ontdekt’ in de kunsttempel aardstralen die hij vervolgens met succes bestrijdt. In overheidsgebouwen, van lagere school tot het gebouw van het Ministerie van Onderwijs, Kunsten en Wetenschappen verschijnen de aardstralenkastjes van Mieremet of andere ontstralingsapparatuur. Wanneer de onderwijsinspectie een katholieke school in Twente geen toestemming geeft voor de aanschaf van een beschermingskastje, grijpt minister Cals in en krijgt de school alsnog het door haar gewenste kastje. In het archief van de Vereniging tegen de Kwakzalverij bevond zich al meer dan vijftig een kastje van een concurrerende firma, dat in 2026 werd aangeboden aan het Zandvoorts Museum.

De arts Fortuin opende eens, wat ten strengste verboden was, zo’n beschermingskastje van Mieremet (f 125,-) : op de bodem van de platte houten doos bevonden zich slechts acht vastgelijmde staafjes van 7 cm lang en 0,5 cm dik.
Wetenschap en politiek worstelden intussen met de paranormale sector en onderzoeks- c.q. adviescommissies wisselden elkaar af. In 1950 verricht een werkgroep onder leiding van dr. J. Clay onderzoek naar het verband tussen aardstralen en fysiologische processen. Mieremet verleent medewerking en de commissie bezoekt o.a. de grafkelder in het Friese Wieuwerd, waar krachtige aardstralen tot de bekende mummificering van daar aanwezige lijken zouden hebben geleid. De commissie meet geen enkele vorm van straling en haar conclusies zijn vernietigend.
In 1952 publiceerde de ‘Werkgroep voor Landbouwkundig Onderzoek inzake het Wichelroedeprobleem’, dat de aanwijzingen van wichelroedelopers voor de meest geschikte standplaatsen voor stallen en vee, voor de beste groeiplaats voor gewassen ‘geen enkele praktische waarde’ hebben. Anno 2026 zijn er nog altijd mensen die in het bestaan van aardstralen geloven. Schrijfster Vrouwkje Tuinman publiceerde in 2026 een geromantiseerde politieroman De straaljager, rond de figuur van Mieremet.